Feedback (FTA2) – Toelichting 2 (125)

Bedreigde Afrikaanse wilde dieren

Met de wilde dieren in Afrika gaat het slecht. Steeds meer dieren zijn het slachtoffer van stroperij, trofeejagers en door conflicten met de lokale bevolking blijkt uit cijfers. De zwarte neushoorn heeft het het zwaarst van alle dieren: in 1960 liepen er honderdduizend van deze dieren rond. Dit jaar zijn er nog maar 3050 zwarte neushoorns over.

Deze dieren hebben onder andere zwaar te lijden onder de nog steeds populaire stroperij. Zwaar beladen met wapens gaan de stropers op de diersoorten af. Bepaalde lichaamsdelen van de dieren worden voor veel geld verkocht. Deze producten zijn voornamelijk nog populair door bijgeloof. Zo denken de Chinezen dat de hoorn van een neushoorn een krachtig geneesmiddel is.

Ook is er trofeejagen waarbij men het gedode dier als beloning ziet. Deze tripjes worden in hoge mate aangeboden en zijn volkomen legaal in veel Afrikaanse landen. Landen zoals de VS laten nog steeds toe dat de vangsten geïmporteerd mogen worden.

Ook zijn sommige wilde dieren slachtoffer van een conflict met de lokale bevolking. De wilde dieren komen te dicht bij de bewoonde wereld en vormen daar een bedreiging, voornamelijk voor boeren en hun vee. De boeren nemen dan zelf het heft in handen en doden de wilde dieren. Zo overleed in 2015 een deel van de bekende Mash Pride leeuwengroep aan een pesticidevergiftiging.

Daarom is er grootschalig onderzoek gedaan naar hoe het aantal wilde dieren behouden kan worden. Zo zou de boer kunnen werken aan beter veebeheer door het vee op andere plekken te laten grazen.

Ook kan het helpen om meer waakhonden in te zetten. Hierdoor zou er tot negentig procent minder vee gedood worden.

Als laatste kunnen de burgers actiever betrokken worden bij het probleem. Groepen mensen kunnen uitstekend meehelpen met het uitvoeren van patrouilles om zo meer stoperes tegen te houden. Of deze mensen gaan werken voor een ecologisch touristenbureau en zorgen zo voor diervriendelijke safaritripjes.

Er blijkt dus dat er op dit moment nog steeds een flinke daling is in het aantal wilde dieren op het Afrikaanse continent. Dit is omdat er nog veel conflicten spelen met de burgers. Wel zijn er al een aantal oplossingen gevonden waarmee organisaties hopen dat het aantal beesten stabiel kan blijven of zelfs weer groeien in de toekomst.

Toelichting 4 kwaliteitsaspecten

1. Informatie

  • De kerninformatie uit de bronnen is aanwezig in de tekst.
  • De kernideeën worden grotendeels bondig en duidelijk omschreven. De informatie is wel vrij beperkt.
    Bijvoorbeeld: Zowel stroperij, trofeejagen als het mens-dierconflict worden toegelicht.
  • De belangrijke aanvullende informatie uit de bronnen is aanwezig in de tekst.
    Bijvoorbeeld: De oplossingen voor het mens-dier conflict en de stroperij komen uitgebreid aan bod. De oplossing voor het trofeejagen is aanwezig maar komt niet duidelijk naar voren in de tekst (“landen zoals de VS laten nog steeds toe dat de vangsten geïmporteerd mogen worden”, dit houdt in dat een oplossing is dat de VS het verbiedt, maar dit wordt niet expliciet in de tekst gezegd).
  • Er is geen irrelevante
  • De informatie is correct.

2. Integratie

  • De tekst heeft een overkoepelend thema.
    Bijvoorbeeld: Het overkoepelend thema wordt aangekondigd in de inleiding (dieren worden bedreigd op 3 verschillende manieren) en dit wordt in de tekst uitgewerkt.
  • De informatie uit de bronnen is geïntegreerd in een tekst met een eigen structuur waarin de bronnen met elkaar in verband worden gebracht. De tekst bestaan niet uit een samenvoeging van samenvattingen van de verschillende bronnen.
    Bijvoorbeeld: In de laatste alinea worden de verschillende oplossingen samengebracht.

3. Samenhang

  • De inhoudelijke samenhang (coherentie) is heel goed en de vormelijke samenhang (cohesie) is vrij goed.
  • De inhoudelijke samenhang is heel goed, de tekst heeft een duidelijke redeneerlijn waardoor de informatie in de tekst goed te volgen is.
  • De alinea-indeling is grotendeels correct, maar kan beter.
    Bijvoorbeeld: De oplossingen staan vermeld in meerdere (weliswaar opeenvolgende) alinea’s. Inhoudelijk passen ze samen, dus deze informatie kon in 1 alinea gegroepeerd worden.
  • Er worden ondersteunende cohesie-elementen gebruikt. Bijvoorbeeld:
    Bijvoorbeeld: onder andere, ook, daarom, als laatste, dus.
  • De inleiding is goed.
  • Mooi slot. Sluit aan op wat er eerder in de tekst staat, zonder in herhaling te vallen.
  • Titel is vrij vaag.

4. Taal

  • Weinig taalfouten.
  • Zinsconstructie en woordgebruik zijn ok. De schrijver heeft de informatie in zijn/ haar eigen woorden weergegeven.
  • Stijl is ok.
  • Interpunctie is overwegend correct.

Klaar met het bekijken van deze toelichtingen? Ga verder met de volgende stappen van de feedback.