Feedback (FTR2) – Toelichting 1 (62,5)

De populatie wilde dieren in Afrika is sterk gedaald, dit komt door troffeejagers, stropers en het conflict met de lokale bevolking .

Trofeejagen is een jacht op vooraf geselecteerde wilde dieren, waarvan de overblijfselen vervolgens mee terug naar huis gaan de stroper. In Afrika is dit legaal, de overheid verkoopt jachtvergunningen aan rijke Amerikanen en Europenanen om zogenaamd het natuuronderhoud te financieren, maar in werkelijkheid verdwijnt het geld in de zakken van corrupte ambtenaren of eigenaren van privéreservaten.

Na de dood van de bekende leeuw Cecil, ontstond er kritiek op het troffeejagen, maar nog steeds verkopen de Afrikaanse regeringen jachtvergunningen en staat de Amerikaanse regering toe dat mensen hun ‘troffeeën’ mee naar huis nemen. Veel celebreties voeren wel campange en eisen dat bepaalde diersoorten als officieel bedreigd erkent worden, want dan mogen jachttroffeeën van dit dier niet langer ingevoerd worden.

In Afrika lijdt de bevolking onder de aanwezigheid van wilde dieren; de dieren doden het vee en vernietigen hun landbouwgewassen. Hierdoor onstaat er een conflict tussen de lokale bevolking en de wilde dieren. De bevolking neemt het heft in eigen handen en doodt de wilde dieren zelf.

Het doelbewust doden van deze wilde dieren is volgens het WWF een te verantwoorden keuze in de aanpak van het conflict tussen de lokale bevolking en wilde dieren.

Een goed beheerde uitschakelingsaanpak, waarbij de jachtquota wetenschappelijk is vastgelegd, kan het conflict verminderen, zonder dat het een gevaar voor uitsterving van de diersoorten met zich mee brengt.

Voor een duurzame oplossing van het mens-dier conflict, moet de lokale bevolking betrokken worden in de strategie. Overleg tussen overheden en NGO’s is nodig en overheden moeten verantwoordelijkheid nemen en investeren in projecten.

Stropen is een grote bedrijging voor het voortbestaan van vele diersoorten. Stropers maken deel uit van zwaarbewapende misdaadnetwerken. Stropers verkopen bepaalde dierlijke delen voor grote sommen geld.

Toelichting 4 kwaliteitsaspecten

1. Informatie

  • Niet alle kernideeën komen duidelijk naar voren in de tekst.
    Bijvoorbeeld: De informatie over stroperij is vrij vaag. Trofeejagen en het mens-dier conflict worden wel toegelicht.
  • Er is belangrijke aanvullende informatie uit de bronnen die ontbreekt of die niet voldoende duidelijk verwerkt is in de tekst.
    Bijvoorbeeld: De informatie over diervriendelijke oplossingen voor het mens-dier conflict is heel vaag (“de lokale bevolking moet betrokken worden”). Concrete informatie ontbreekt.
  • De tekst bevat geen irrelevante of foutieve informatie.

2. Integratie

  • Integratie van de bronnen is zwak.
  • De tekst heeft geen duidelijk overkoepelend thema, al is er wel een poging gedaan.
    Bijvoorbeeld: De eerste inleidende zin van de tekst geeft het thema aan, maar dit is heel beperkt.
  • De informatie wordt bron per bron gepresenteerd. Er worden geen verbanden gelegd tussen de verschillende bronnen.
  • Niet alle bronnen zijn geïntegreerd in de tekst. Er is één (moeilijk te integreren) bron die niet geïntegreerd wordt in de tekst.
    Bijvoorbeeld: Tabel met cijfermateriaal over de bedreigde dieren wordt niet verwerkt.

3. Samenhang

  • Zowel de inhoudelijke samenhang (coherentie) als de vormelijke samenhang (cohesie) zijn zwak.
  • De tekst vertoont weinig tot geen inhoudelijke samenhang. Er is geen duidelijke redeneerlijn, al is er wel een poging gedaan.
    Bijvoorbeeld: In de inleiding worden de drie bedreigingen aangekondigd. In de tekst daarna komen die drie bedreigingen ook aan bod. Maar de drie bedreigingen worden volledig los van elkaar besproken.
  • De tekst is niet correct verdeeld in alinea’s.
    Bijvoorbeeld: De informatie over het mens-dier conflict staat verspreid over 4 alinea’s, 2 daarvan bestaan uit slechts 1 zin.
  • Er ontbreken ondersteunende cohesie-elementen.
    Bijvoorbeeld: Alle alinea’s volgen elkaar op als losstaande elementen; geen gebruik van woorden zoals “ten eerste”, “ook”, “tot slot”.
  • De inleiding is zwak.
  • Er is geen slot. De tekst stopt heel abrupt.
  • Er is geen titel.

4. Taal

  • De tekst bevat enkele taalfouten.
    Bijvoorbeeld: troffeejagen, bedrijging
  • Zinsconstructie en woordgebruik zijn redelijk, al is er vrij veel tekst letterlijk uit de bronnen overgenomen.
  • Stijl is ok.
  • Interpunctie is ok.

Klaar met het bekijken van deze toelichtingen? Ga verder met de volgende stappen van de feedback.